De Schakel
Jeugd
Green Flash in actie!

Het volgende verhaal gaat over Green Flash, in werkelijkheid heet hij Teun Verbunt. Teun is vijf jaar en heeft een spierziekte. Met dit verhaal vraag ik aandacht voor meer onderzoek naar spierziekten. Daarvoor is veel geld nodig. Ik nodig u uit…

Het volgende verhaal gaat over Green Flash, in werkelijkheid heet hij Teun Verbunt. Teun is vijf jaar en heeft een spierziekte. Met dit verhaal vraag ik aandacht voor meer onderzoek naar spierziekten. Daarvoor is veel geld nodig. Ik nodig u uit om geld te doneren naar Spieren voor Spieren o.v.v. Green Flash. Alle kleine beetjes helpen!
U kunt uw geld storten op: NL36INGB0000033322
Dank u wel namens mijn kleinzoon Teun

Wim Verbunt
Verhalenverteller

Teun heeft voor de lange afstanden een rolstoel nodig. Zijn rolstoel heeft hij zelf mogen uitkiezen, het is een fel groene en in beide wielen zit een plaat met een voetbal erop. Bij een bezoek aan PSV heeft Teun er aan beide kanten een handtekening van André Oyer op de voetbal laten zetten.

Teun vindt zijn rolstoel heel stoer. Liever had hij geen rolstoel nodig gehad. Liever had hij gewoon kunnen lopen, maar zijn beenspieren zijn te slap! Niemand weet, dat zijn rolstoel een supersonische rolstoel is, waar Teun heel veel avonturen mee gaat beleven.

Toen Teun de rolstoel kwam ophalen zei de man die Teun hielp: “Teun dit is een hele speciale rolstoel, dit is een Turbostoel! Je kunt met deze rolstoel niet alleen je zelf maar ook anderen helpen!” Hij gaf aan Teun een speciaal horloge. Op dat horloge worden aan Teun de noodoproepen doorgegeven en hij kan deze ook  gebruiken om met iemand te praten. In het geheim is Teun hierdoor een Superheld geworden met zijn rolstoel! Als er gevaar is piept het horloge van Teun en krijgt hij op zijn horloge door waar er iets aan de hand is. Teun kleedt zich dan heel snel om, gaat in zijn rolstoel zitten en vliegt of rijdt met de turbostoel naar de plaats waar ze hem nodig hebben. Als Green Flash heeft Teun een grijs pak aan met een groen masker en een groene mantel. Zo weet niemand dat Teun, Green Flash is! De rolstoel van Teun heeft geheime knoppen waardoor de rolstoel supersnel wordt. Snel op de weg maar ook supersnel in de lucht! Dat gebeurt alleen als het nodig is en als niemand het ziet. De enige die weten dat Teun, Green Flash is, zijn papa, mama en Pepijn.

Teun is net thuis uit school. Hij heeft zin in een lekker stukje chocolade en dan piept zijn horloge. Teun drukt op een knopje en een stem zegt: ”Ga snel naar boerderij Jansen in de Kraan!” Teun roept mama, die helpt hem snel in zijn speciale superpak. Green Flash zet zijn turbo aan en vliegt naar de boerderij van de familie Jansen.

Als hij daar aankomt hoort hij: “Help, help!” Green Flash rijdt naar het geluid. Hij ziet dat boer Jansen in de gierput ligt, in de stront! Green Flash pakt snel een touw, bindt dit aan zijn Turbostoel en gooit het touw naar de boer en roept: “Goed vastpakken dan trek ik je eruit!” De boer grijpt het touw vast, Green Flash zet zijn Turbostoel aan en in een mum van tijd is de boer uit de gierput. Boer Jansen zegt: “Bedankt, dat was maar op het nippertje, wie ben jij?” “Ik ben Green Flash, ik kom overal waar hulp nodig is!” “Nou Green Flash, bedankt!” Green Flash is al weer op weg naar huis.

Thuis vraagt Pepijn: ”Waar kom jij vandaan en waarom stink jij zo?” Teun heeft zijn groene kleren al uitgedaan en hij vertelt Pepijn wat er gebeurd is. Pepijn geeft Teun een high five en een box. Daarna gaat Pepijn verder met tekenen en Teun, pakt zijn chocolaatje en gaat lekker spelen met zijn Playmobil.

Al lange tijd hebben ze in de Berkelse Akkers last van een dief, iemand die binnensluipt en dan iets meeneemt uit een schuur of garage. Een kinderfiets, een voetbal, een step, voetbalschoenen, speelgoedtractor en ga zomaar door. Teun was als Green Flash al een paar keer op onderzoek uit geweest, maar hij kon de dief niet vinden. De dief was dan al gevlogen.

Vanavond heeft Teun met papa afgesproken om met zijn Turbostoel rondjes te gaan vliegen boven wijk de Berkelse Akkers. Teun vliegt in zijn Green Flash pak boven de wijk. Ondertussen kan Green Flash via zijn horloge praten met papa. “Hoi Green Flash, zie jij al iets?” “Nee, het is erg rustig in de straten.” Green Flash vliegt nu al 2 uur rond en hij begint moe te worden. Hij wil net tegen papa zeggen dat hij weer naar huis wil, maar dan ziet hij iets…!

Hij ziet iemand sluipen langs de bosjes. Green Flash zegt zachtjes in zijn horloge tegen papa: “Ik zie iemand lopen, tegen de bosjes in de Molenakker, ik vlieg er naar toe!” “Green Flash doe voorzichtig, ik kom er ook aan!” Green Flash ziet dat de geheimzinnige persoon een garage in gaat waarvan de deur openstaat. Green Flash vliegt met zijn Turbostoel tot aan de deur, gaat naar binnen en gooit de deur hard dicht.

De persoon in zijn lange jas schrikt en wil wegrennen, maar Green Flash zegt: “Dat zal niet gaan, de deur is dicht en mijn Turbostoel kan heel hard rijden!” De geheimzinnige persoon doet haar pet af.

Green Flash ziet dat het een mevrouw is met een heel verdrietig gezicht. Ze huilt en zegt: ”Het spijt me zo, ik woon in een huisje hier in de Berkelse Akkers met mijn drie kinderen en zij hebben helemaal geen speelgoed!” “Dat kan wel zo zijn,” zegt Green Flash, “maar dan mag je nog geen speelgoed van anderen stelen!”

“Ja dat weet ik wel maar ik doe het alleen bij mensen waarvan de garage- of schuurdeur openstaat. Ik wil het niet houden, ik wil het later weer terugbrengen!” Green Flash begrijpt wel dat dit voor haar kinderen heel vervelend is en zegt: “Weet je wat we doen, ik ga u nu helpen alle spulletjes terug te brengen. Dan zorg ik ervoor dat uw kinderen speelgoed krijgen, waar ze fijn mee kunnen spelen.” De mevrouw knikt en samen gaan ze naar het huis van de mevrouw.

Papa heeft het allemaal wel gehoord maar hij kan niets doen, ze mogen hem niet zien! Green Flash heeft er samen met de mevrouw één uur over gedaan om alle gestolen spulletjes terug te brengen naar de mensen. Daarna gaat hij naar huis.

Thuis wacht papa op hem en vraagt: “Teun hoe ga jij er voor zorgen dat de kinderen speelgoed krijgen?” “Ik vraag aan Pepijn of hij een tekening maakt met een oproep. Daar staat dan in dat kinderen speelgoed voor andere kinderen kunnen inleveren, die geen speelgoed hebben. Die hangen we dan op in onze school!”
“Dat is een goed idee!”

De volgende dag zien heel veel mensen in de Akkers dat het speelgoed dat gestolen was terug ligt in de garage of schuur.

Er ligt een briefje bij:

“Wilt u alsjeblieft de deur van schuur of garage niet meer open laten staan! Laat dit een waarschuwing zijn!”
Getekend: “Green Flash”.

Pepijn heeft 10 tekeningen gemaakt met daarop de tekst: “Kinderen helpen kinderen aan speelgoed, inleveren op school. Groetjes, Teun en Pepijn.”

Pepijn heeft aan zijn juffrouw gevraagd of hij de tekeningen  op school mag ophangen? De juffrouw vindt het goed! In de gangen en in de grote ruimte hangen Teun en Pepijn de tekeningen op.

Iedereen heeft het gelezen. De kinderen zeggen tegen elkaar: “Ik heb nog wel iets liggen en dat is nog best wel goed, alleen speel ik er niet meer mee!”
Een dag later is er al heel veel speelgoed ingezameld.
Een doos vol, Pepijn en Teun nemen samen met mama het speelgoed mee en geven dit af bij de mevrouw met de drie kinderen.
Ze zeggen tegen haar dat Green Flash dat geregeld heeft.
Wie de mevrouw met de drie kindjes zijn dat houden ze natuurlijk geheim, dat hoeft niemand te weten. Maar ze zijn erg blij met het speelgoed!

Wederom heeft Green Flash de Groene Strijder geholpen.

Karen Slangen
Pepijn Verbunt
Illustrators

Wim Verbunt
Verhalenverteller

About the author

Related Posts